Werkgeluk in de Zorg Pluryn

Organisatie: Pluryn, Het Hietveld, Beekbergen
Naam: Mariken Houtzager (36)
Functie: Arbeid-Wonen-Coördinator
Sinds: 2015 (2006 bij Pluryn)
Cliënten: 96 cliënten (en 92 op buitenlocaties)

 

Over ‘hoog in spanning’, incidenten en fixaties

 

Eind van de middag. Waar kantoortijgers zich klaarmaken om naar huis te gaan, start voor Mariken Houtzager de dienst. Vandaag loop ik de dienst met haar mee, voor ‘Werkgeluk in de Zorg’. Mariken is als Arbeid-Wonen-Coördinator tot vanavond 22.00 uur verantwoordelijk voor het reilen en zeilen op het terrein van Het Hietveld.

Op Het Hietveld staan zes huizen waarin (jong)volwassenen en ouderen met een lichte tot matige verstandelijke beperking wonen. Ze hebben een intensieve zorgvraag, complexe gedrags- en bijkomende psychiatrische problemen. Een zeer complexe doelgroep dus, die ad hoc extra ondersteuning nodig kan hebben.

Zo draagt heeft ieder huis een begeleider met pieper. Bij een incident vormen zij het team dat ingrijpt. Onder leiding van Mariken. Mijn nieuwsgierige ik hoopt dat er tijdens deze dienst een incident zal plaatsvinden, maar mijn conflictmijdende kant wil het liefst wegduiken. Het zou ook een erg beangstigende situatie kunnen zijn.

 

Werkgeluk in de Zorg

Fittie

Mariken krijg je echter niet zo snel van haar stuk. Ze krijgt ontspannen de overdracht van haar collega uit de dagdienst: ‘een cliënt is weggelopen tijdens de dagbesteding, er was een fittie tussen twee waarvan één waarschijnlijk onder invloed, de politie is nog ingeschakeld en oh ja, we moeten nog de telefoonnummers opslaan in de nieuwe telefoon’.

Tussendoor worden nieuwtjes uitgewisseld over opbloeiende liefdes tussen twee cliënten: ‘hoewel hij gister nog op een ander verliefd was’. De overdracht gaat in razend tempo. ‘Conclusie: geen bijzonderheden’, lachen ze.

 

 

 

 

AssistentieWerkgeluk in de Zorg

Mariken wil net gaan bijlezen over de cliënten, als haar telefoon gaat. Verzoek om assistentie. Een cliënt kan niet goed omgaan met verandering van begeleider en ‘zit hoog in spanning’. Mariken zet er de pas in: ze weet niet welke situatie ze aan zal treffen. De cliënt blijkt op zijn kamer te zitten met de deur dicht. In de keuken leunt Mariken tegen het keukenblok en luistert naar het verhaal van de woonbegeleiders. Ze denkt mee over hoe ze op een andere manier met de cliënt om te gaan. Van ‘hij wil niet’ naar ‘kijk hoe je samen met hem een oplossing kan vinden’. Daar kunnen ze wel wat mee. Meteen een goed moment om even bij te kletsen. Hoe het met de begeleiders is, in het huisje, op het terrein.

 

 

Werkgeluk in de Zorg

Geliefd

Ze blijkt geliefd te zijn bij haar collega’s én cliënten. ‘Hé Mariken, kom je zo ook nog bij ons langs?’, roept een cliënt uit huis 3. Met een ander loopt ze een stukje over het terrein en praat bij over een eerder gebeurd voorval. Ze lijkt ontspannen te wandelen, maar is ondertussen alert op wie op het terrein loopt, welke auto’s er rijden. Regelmatig zwaait ze even naar voorbijgangers.

‘Eigenlijk probeer ik me overbodig te maken’, vertelt Mariken als we weer in haar kantoor zitten: ‘Ik ben er voor de woonbegeleiders en coach ze hoe ze om kunnen gaan met situaties. Ik stimuleer dat het sámen met de cliënt is, in plaats uit machtsverhoudingen te werken. Daardoor hoop ik ook op minder fixaties en afzonderingen.’

 

 

 

Fixaties en afzonderingen

Ze neemt me mee voor een rondleiding over het terrein, met gelijk de meest spannende ruimtes. Bij incidenten mag een cliënt maximaal 3 keer 10 minuten in de afzonderingsruimte verblijven. Om tot rust te komen als hij ‘hoog in spanning zit’. Ik zie de bolspiegel aan het plafond. Waardoor je de hele ruimte vanaf de deuropening kan zien, voor het geval de cliënt je zou willen aanvallen vanuit de hoek.

Mariken loopt rustig verder met een grote sleutelbos: ‘hier is de separeer’. Er staat een bed met plastic matrashoes. Daarop ligt een blauw hemd en broek van stevig katoen. Net als in de film. De rillingen lopen over mijn rug. Wat moet dat verschrikkelijk zijn om daar te zitten. Eenzaam en afgesloten door een dikke stalen deur met kijkvenster. Mariken verzekert me dat ze dit nauwelijks nog gebruiken, maar dat het helaas soms nog noodzakelijk is.

 

 

 

 

Werkgeluk in de Zorg

Werkgeluk in de Zorg

Dagbesteding

Voor al die momenten dat het gewoon goed gaat met de cliënten zijn er gelukkig allerlei mogelijkheden om zich te vermaken. Afhankelijk van de vrijheden die ze hebben gekregen. Een Cruyff Court en een uitgebreide dagbesteding met onder andere ‘de Snoepjesfabriek’ en een houtbewerkingsruimte, voor al uw bestellingen.

 

 

 

 

 

OverdrachtWerkgeluk in de Zorg

Dan komen uit alle huizen collega’s aangewandeld. Het is tijd voor een gezamenlijke overdracht. De vraag ‘is het rustig op het terrein?’ zal ik nog vaak horen vandaag. Iedereen wil weten wat er buiten het eigen huisje gebeurt. Hoe die ene cliënt, met een verhoogd risico op inzet van de crisisdienst, nu gaat. Tot nu toe is het inderdaad rustig, concludeert Mariken aan het eind van het overleg. Ze groet iedereen en ziet ze zo weer bij haar ronde langs de huizen.

We starten bij huis 1 en lopen zo alle zes de huizen langs om te vragen hoe het gaat. Dat gaat zo ontspannen in die bosrijke omgeving, dat het bijna voelt als een vakantiepark. Mariken begroet de cliënten, bewondert een nieuwe spin in een terrarium, drinkt koffie met collega’s, geeft ze tips en vertelt dat het inderdaad nog steeds rustig is op het terrein.

 

Werkgeluk in de Zorg

Incident

Tot het moment dat we bij het laatste huis zijn. De pieper van Mariken gaat af, buiten horen we piepers en veel geschreeuw. Een incident, daar gaan we. Het is inmiddels donker buiten, ik hoor geschreeuw en gevloek. Binnen de minuut staan er acht collega’s bij het incident. Indrukwekkend!

Mariken loopt op aanraden van een woonbegeleider op één van de twee schreeuwende cliënten af. Ze heeft ruzie met de ander, die nu weer wegloopt en dan weer dreigend terug komt. De begeleiders staan strategisch opgesteld en wachten in stilte af wat er gebeurt. Hoe krijgt Mariken de situatie weer onder controle? Door de vraag te stellen: ‘wat heb je nodig om weer rustig te worden?’. ‘Een rondje lopen. Met jou. 1 op 1’, zegt de cliënt direct. En daar gaan ze. Naast elkaar wandelend het terrein over.

Ik loop mee met de woonbegeleiders. Daar komt Mariken na een kwartier ook bij. De cliënt is naar haar kamer gegaan. Met de collega’s praat ze na over wat er is gebeurd en laat ze hun verhaal doen. Ondertussen komt een andere collega binnen op zoek naar de verbanddoos. De cliënt is zich gaan snijden in haar arm, om de spanning kwijt te raken.

 

Werkgeluk in de Zorg

Luisterend oor

Het incident had op iedereen effect. Het is mooi om te zien hoe Mariken snel schakelt tussen daadkrachtig optreden en een luisterend oor bieden. Terug in haar kantoor belt ze alle buitenlocaties af hoe het daar is. Rustig. En belt ze alle huisjes van Het Hietveld weer af. Ze praat iedereen bij over het incident. En stelt de betrokken collega nogmaals gerust: ‘je hebt het goed gedaan’.

Het is 22.00 uur. Tijd om het terrein over te dragen aan de bewaker. Hopend dat hij morgenochtend kan zeggen: ‘ja, het was vannacht rustig op het terrein’.

 

 

 

 

Dit blog voor Werkgeluk in de Zorg heb ik met de grootste zorgvuldigheid geschreven en ter akkoord voorgelegd aan Mariken Houtzager. Alle genoemde en afgebeelde personen zijn met toestemming. Bij deze wil ik Mariken, haar collega’s en de cliënten van Het Hietveld, nogmaals hartelijk bedanken voor hun gastvrijheid.

Wil je reageren op het verhaal? Laat dan je reactie onderaan de pagina achter, of neem contact op met Eveline.


En dan nog dit…

 

Project ‘Werkgeluk in de Zorg’

Ik ben Eveline Bouwman, eigenaar van Factor G en organisatiepsycholoog. Binnen diverse (zorg)organisaties versterk ik werkgeluk en help ik een waarderende cultuur te ontwikkelen. Ik nam het initiatief voor ‘Werkgeluk in de Zorg’, om met eigen ogen te zien waarom het zo gaaf is te werken in de zorg. Waarvoor al die professionals iedere dag hun bed uit komen en waar zij betekenis uit halen. Mijn ervaringen deel ik in blogs. Om te laten zien dat werken in de zorg niet alleen maar gaat over capaciteitsgebrek en rapporteren.